Klimblessures bij kinderen en jeugd
Kinderen die fanatiek trainen lopen risico op blessures die ontwikkeling en groei kunnen verstoren. In dit artikel behandelen we de blessures bij jeugdige klimmers en boulderaars. De informatie is gebaseerd op een consensus van een aantal Nederlands fysiotherapeuten die zich specifiek of hoofdzakelijk bezighouden met sportklimblessures.
Blessurepreventie
inderen kunnen veel plezier beleven aan de klimsport, op alle niveaus. In bepaalde leeftijdscategorieën hebben ze door hun verhouding tussen krachtgewicht verhouding zelfs een voordeel te opzichte van volwassenen, waardoor kinderen soms op relatief jonge leeftijd al een hoog klimniveau kunnen bereiken. Aan de andere kant zijn concentratie, controle en focus vaak relatief minder ontwikkeld. In combinatie met jeugdige onverschrokkenheid kunnen hierdoor ernstige blessures en ongevallen ontstaan. Daarbij zijn kinderen geen kleine volwassenen.
Het belangrijkste verschil is dat kinderen ook blessures kunnen krijgen die hun ontwikkeling en groei kunnen verstoren. Er is een heel aantal fysieke verschillen tussen kinderen en volwassenen. Zo zijn bijvoorbeeld de pezen van kinderen vaak sterker dan het bot. Waar bij volwassenen vaak peesletsel optreedt, zal bij kinderen bij vergelijkbaar letsel eerder het bot of de groeischijf breken. Zolang een kind nog in de groei is zijn de groeischijven zwakke plekken in het bot. In de periode dat de groeischijven van de vingers sluiten (tussen de dertien en zeventien jaar) is het risico op groeischijfbreuken het hoogst. Als er een breuk optreedt in zo’n groeischijf, kan dit leiden tot groei- en standsafwijkingen die een leven voor overlast zorgen.
Richtlijnen voor plessurepreventie bij jeugdtraining
Deze richtlijnen gelden vooral voor kinderen die structureel klimmen.
-
Klimtraining moet altijd onder supervisie van een gecertificeerd sportklimtrainer plaatsvinden, en een goede warming-up en cooling-down moeten altijd onderdeel zijn van deze training.
-
Kinderen onder de achttien zouden geen gebruik moeten maken van het campusbord om schade aan vingers te voorkomen. Tot de twintig jaar raden wij het af en denken we dat er met andere vormen van trainen een beter resultaat te behalen valt. Dit artikel op BMC geeft een mooi overzicht over de achterliggende gedachten.
-
Training met extra gewichten wordt afgeraden.
-
Het is belangrijk dat er veel afwisseling in de klimtraining zit en dat explosiviteit, snelle kracht en knijpkracht worden afgewisseld met duur, balans, lichaamsspanning en ervaring. Te eenzijdige training geeft een verhoogde kans op blessures. Er zijn duidelijke richtlijnen over training bij kinderen ontwikkeld, die onderschreven worden door de NOC*NSF.
-
Let op goed eten en voldoende rust. In de pubertijd kan de lichaamsbouw veranderen. Afvallen is echter zeer zelden nuttig in deze leeftijdscategorie en kan tot groei- en ontwikkelingsachterstand leiden. Voldoende gezonde en gebalanceerde voeding is essentieel voor goede prestaties. Eetstoornissen komen relatief vaak voor bij klimmers. Professionele begeleiding van deze sporters is daarom essentieel.
-
Wissel af met klimschoenen. Let op dat de klimschoentjes niet te klein zijn en dat de krapste schoenen alleen voor de moeilijkste routes worden gebruikt. Bij kinderen die veel klimmen kunnen de kleine schoentjes tot groeistoornissen in de voeten leiden. Mogelijk is een hardere schoen die meer steun geeft en niet al te klein is beter voor een kindervoet.
Groeischijfbreuken
De klachten: Pijn in het middelste kootje van de vinger tijdens en na het klimmen. De intensiteit van de klachten kan erg verschillen van een lichte pijn waar je doorheen kunt klimmen tot een heftige pijn die klimmen nagenoeg onmogelijk maakt. Soms is de vinger gezwollen of verkleurd. Bij bewegen kan het daardoor stijf en pijnlijk zijn, met name bij maximale strekking of buiging. De pijn treedt op of word erger tijdens of na het klimmen. Een groeischrijfbreuk komt meestal door een te zware belasting over een langere periode waarin de klachten langzaam erger worden. Het is dan niet altijd duidelijk wanneer de breuk precies is opgetreden. De klachten kunnen ook plotseling ontstaan door een krachtige beweging bij boulderen of klimmen, met name specifiek bij ‘crimping’ op knijpgreepjes. Soms zijn de klachten heel subtiel en na een week alweer over, terwijl de breuk nog helemaal niet genezen is.
De meest beruchte oorzaak is het campusbord. De arts van het Duitse jeugdteam beschreef in 20xx dat tweederde van alle klimmers onder de achttien onder haar verantwoordelijkheid, die systematisch op een campus board trainde tweederde een groeischijfbreuk kreeg. Daarom raden wij het trainen op een campusbord ten strengste af voor jeugd onder de achttien.
- Wat is het?
De groeischijven zijn de groeikernen van de botten. Ze zorgen voor lengtegroei van het bot. Wanneer een bot volgroeid is, sluit de groeischijf zich en wordt deze onderdeel van het bot. Sommige botten (zoals de schedel) zijn vroeg volgroeid, andere pas laat. De groeischijven van de handen en vingers zijn een van de laatste die sluiten. Zolang een groeischijf nog niet gesloten is, is het de zwakste plek van het bot. Als er een breuk ontstaat in de groeischijf kan het zijn dat er in dit deel van het bot geen groei meer kan plaatsvinden. Hierdoor kan een scheefgroei van het bot ontstaan. Dit is bijzonder hinderlijk.
- Diagnose
Een groeischijfbreuk kan soms op een röntgenfoto gezien worden, maar wordt ook vaak gemist. Een MRI geeft uitsluitsel.
- Behandeling
Een groeischijfbreuk geneest vooral met rust, tenminste veertien dagen ondersteund door een spalk (als je er op tijd bij bent). Na acht weken word er een MRI of röntgenfoto ter controle gemaakt. Als de breuk goed hersteld blijkt te zijn, kan er voorzichtig gestart worden met trainen onder begeleiding van iemand met ervaring met deze blessures. Het is belangrijk dat het trainen pijnvrij is, want pijn betekent in dit geval ‘terug bij af’ in het herstel. Bovendien kan te vroeg starten met training leiden tot genezingsproblemen van de groeischijf, waardoor uiteindelijk een groeistoornis in de vinger kan ontstaan.
- Advies specifiek voor jeugdklimmers
Belangrijk is dat je met vingerklachten goed advies krijgt, zeker als ze blijven terugkomen. Liever een keer te vaak naar de fysiotherapeut of arts, dan dat je een groeischijfbreuk over het hoofd ziet. Zorg dat je bij een groeischijfbreuk specialistische begeleiding krijgt bij een klimfysio of een handencentrum.