In dit artikel geeft Expeditie Academie coach Bas tips voor het klimmen van lange tot ultra multi-pitches, van 10 tot 50 touwlengtes. Hoe pak je de voorbereiding aan, hoe maak je snelheid in de wand en hoe hou je zo'n klimmarathon vol? Ook geeft hij tips voor een bivak in de wand.
Veel van mijn mooiste herinneringen in de bergen zijn lange alpiene rotsroutes die eindigen op een mooie top. Voor mij geeft het gevoel van vele touwlengtes achter elkaar klimmen heel veel voldoening. Achteraf kan ik hier vaak nog lang op kan teren. Een bivak in de wand geeft vaak ook een enorme extra dimensie. Slapen op een richel is voor mij simpelweg iets bijzonders dat je niet snel vergeet. Alpiene rotsklimmen draait om avonturen beleven in de bergen en tegelijkertijd de mooiste klimlengtes te vinden.
Maar om alles gelijk maar te relativeren: een lange alpiene route is zeker niet altijd beter dan een korte. Soms is het ook goed genoeg om te genieten van sportklimroutes in het dal of van een korte technische multipitch waar elk lengte gegarandeerd mooi is. Voor een lange route moet alles kloppen en dat komt niet altijd voor. Maar wanneer alle puzzelstukjes gelegd zijn, kan een lange alpiene rotsroute een herinnering voor het leven zijn.
Met dit artikel hoop ik je te helpen door mijn eigen visie en ervaringen met alpiene rotsklimmen te delen.
Hieronder vind je een aantal foto’s van voorbeeldroutes die ik zelf geklommen heb.
Dennis klimt voor in de Mer de Glace - Grepon (800m, 5c) in het Mont Blanc gebied. Dit is een klassieke route met mooie vierde- en vijfdegraads lengtes.
De Aiguille Noire zuidgraat is zo’n 1200m lang en is onderdeel van de beroemde Peuterey Integrale die naar de top van de Mont Blanc (op de achtergrond te zien) leidt. In onze rugzakken zit bivakmateriaal voor twee nachten op de berg slapen.
De Barre des Ecrins zuidpijler (1200m, 5c) leek mij van tevoren een mooi avontuur, maar tijdens het klimmen bleek het vooral een wilde, serieuze en niet ongevaarlijke route te zijn vanwege de vele losse rots. Soms strookt je verwachting niet helemaal met wat je krijgt.
De traverse in de Cassin route (500m, 6a/a1 of 7a) op de Westliche Zinne in de Dolomieten. Dit is een historische route uit de jaren dertig met veel oude mephaken.
De Gervasutti op de Allievi (5c, 800m) in de Bergell is een route in prachtig graniet. Ook een oude klassieker die de moeite waard is om te klimmen.
Vooraf: Ik wil zoveel mogelijk proberen om in elke blog nieuwe informatie te plaatsen, dus lees eerst deze artikelen als je dat nog niet gedaan hebt:
Het ingewikkelde aan een lange alpiene rotsroute is dat er enorm veel seinen op groen moeten staan voordat je kan starten met klimmen. Een goed beslisproces voorafgaand aan een lange route is daarom essentieel. Dat zorgt er ook voor dat je op de berg de juiste beslissingen neemt. Aan de ene kant moet je beschikken over de juiste hoeveelheid ervaring, een goed uithoudingsvermogen en de benodigde klimvaardigheden. Aan de andere kant moet je een goed uitgedacht plan hebben dat rekening houdt met weer, condities en risico’s op de berg. Communiceer open en eerlijk met je klimpartner over de voors en tegens. En durf nee te zeggen tegen dat een plan dat niet goed voelt. De bergen lopen niet weg. Neem de tijd om je route te realiseren - een week is vaak te kort.
Een van de eerste stappen die je kan zetten in het proces, is het uitzoeken van routes. Mijn tips voor routekeuze:
De Grandes Jorasses met links van het midden de Walker Spur. Dit is een route met een reputatie omdat hij onderdeel van de drie grote noordwanden is (Eiger, Matterhorn en Grandes Jorasses).
Een actiefoto van mij op de Walker Spur op de Grandes Jorasses in 2015. Als je goed kijkt zie je een hoop losse rots op de foto. Wij hadden meerdere keren last van steenslag. Een aantal lengtes waren mooi, maar er waren zeker ook verschillende lengtes met slechte rots. Het was een groot avontuur waar ik vooral achteraf van kon genieten. Foto: Thomas Gauthey.
Een week na de Walker Spur klom ik de Contamine op de Petit Jorasses (800m, 6a) vlak naast de Walker Spur. Het was eerlijk gezegd best een eye-opener dat deze route veel mooier was om te klimmen dan de grote buurman (boven in beeld).
Voor een lange route wacht ik 100% perfect weer af. Dat betekent dat er een volledig zonnige dag voorspeld moet zijn zonder neerslag en met weinig wind. Wanneer er vraagtekens over het weerbericht blijven bestaan, is het beter om door te schakelen naar een meer laagdrempelig doel. Dat kan soms teleurstellend zijn, maar het is onderdeel van de sport. Ik kijk ook naar het moment wanneer er een nieuwe weersverslechtering voorspeld wordt, zodat ik hiermee rekening mee kan houden mocht alles langer duren dan gepland. Het weerbericht is altijd leidend als je een plan gaat maken.
De omstandigheden in de route kunnen allesbepalend zijn voor het verloop van de beklimming. Het is daarom belangrijk om je hier goed in te verdiepen en het juiste moment af te wachten. In een lange alpiene rotsroute is het uiteraard van belang dat je droge rots aantreft. Na regenval kan het bijvoorbeeld even duren voordat alles weer opgedroogd is. Smeltende sneeuw kan ook voor natte rots zorgen.
Steenslag of rotslawines zijn een belangrijke factor om in de gaten te houden, vooral in hoogalpiene gebieden tijdens aanhoudende hittegolven. Er kunnen dan gevaarlijke en instabiele condities ontstaan. Wijk uit naar een lager gelegen gebied als de permafrost (de bevroren binnenlaag in de berg) dreigt te ontdooien. Hoger gelegen gebieden zoals het Mont Blancgebied, Ecrins en Wallis hebben hier met name last van, vooral naarmate de zomer vordert. Als de 0-graden grens zich meerdere dagen tussen de 4000m-5000m bevindt, kan dit tot instortingsgevaar van gehele wanden leiden.
Denk ook na over de periode die je kiest. In de Alpen loopt het seizoen voor alpiene rotsroutes grofweg van juni tot eind september. In juli kan je volledig andere omstandigheden aantreffen dan in september. Soms kan het ook een voordeel zijn om later in het seizoen te gaan. Na de zomer vakantie zijn de bergen opeens veel rustiger. Het voordeel aan juni en juli is dat je het meeste daglicht hebt.
Tijdens onze beklimming van de Grand Capucin (normaal gesproken een pure rotsroute) in juni 2021 kwamen Boris en ik op de top in diepe voorjaarssneeuw terecht. Door de warme temperaturen was het geen probleem om dit op te klimschoenen te doen.
Een voorbeeld van een route waar ik lang heb getwijfeld over de condities is de Gervasuttipijler (6a, 900m, in het midden te zien) op de Mont Blanc du Tacul. De route staat bekend om zijn steenslaggevaar als er droge condities zijn. Bij ons zagen de omstandigheden er uit zoals op de foto (augustus 2021, na een sneeuwrijk voorjaar).
Wij hebben de wand een dag vanuit de tent lang geanalyseerd en hebben uiteindelijk geen steenslag gezien. Het graniet bleek gelukkig volledig droog. De route was van hoge kwaliteit en we waren de enige touwgroep.
Halverwege de route kwamen we in mixed condities terecht, maar we waren hier goed op voorbereid doordat we D-schoenen, stijgijzers en pickel hadden meegenomen.
Het bleek een heel goede keuze om de route in deze condities te beklimmen, want de sneeuw bovenin de route was opgevroren en daardoor eenvoudig te klimmen. Ook was er de hele dag geen steenslag geweest. Ons beslisproces had dus goed gewerkt. Ik vermoed dat in veel warme zomers de route tegenwoordig te gevaarlijk is om te klimmen. Onder de sneeuw ligt namelijk veel losse rots die naar beneden kan vallen.
Over materiaalkeuzes valt natuurlijk enorm veel te zeggen, maar ik zal me proberen te beperken tot een paar hoofdzaken.
Probeer het evenwicht tussen lichtgewicht en veiligheid te vinden. Light is right? Ja….maar alleen tot op zekere hoogte. De juiste materiaalkeuze is vooral een goed afgewogen balans tussen gewicht en veiligheid. Te veel gewicht kan de beklimming erg vertragen. Maar in een noodgeval kan een gebrek aan een uitrusting juist heel gevaarlijk zijn. In veel gevallen is het mijn inziens toch beter om altijd aan de iets voorzichtige kant in te zetten. Marge of redundantie (een back up voor een probleem) is belangrijk bij dit soort ondernemingen. Pas als je veel ervaring hebt opgedaan, kan je bewust kiezen om bepaalde items weg te laten.
Ook is het verstandig om na afloop van een tocht na te denken welke items achteraf gezien echt overbodig waren. Natuurlijk is het onvermijdelijk dat je items meeneemt die je tijdens de hele tocht niet nodig hebt (zoals een ehbo-kit). Met de juiste hoeveelheid kleding, eten en drinken kan je soms wel een hoop gewicht besparen.
Investeer in lichtgewicht spullen. Voor alpiene rotsroutes moet je een hoop uitrusting meenemen, vooral als je een bivak moet maken. Uiteindelijk zorg ik dat elk item dat ik meeneem zo licht mogelijk is. 1 los lichtgewicht item doet niet zoveel, maar bij elkaar opgeteld kan je hiermee meerdere kilo's besparen.
Spot de lichtgewicht items: Lichte Scarpa C-schoenen voor de sneeuw, een Petzl Gully, Black Diamond Ultralight cams, een licht 9.0mm touw, een 6mm rapline etc.
Menno met een lichte donsjas en lichte Petzl Gully pickel.
We gebruikten de Bothy Bag op expeditie in India om een uur te wachten totdat de zon op kwam. We zaten met drie personen in een vier persoons Bothy Bag. Je blijft hier echt relatief warm mee. Een Bothy Bag functioneert ook goed om in de Alpen een regenbui uit te zitten of om een noodbivak in door te brengen.
De keuze voor een goede klimschoen kan erg bepalend zijn tijdens een lange route. 20 of 30 touwlengtes in de zon klimmen kan namelijk echt een lijdensweg worden als je te kleine schoenen draagt.
Een schoen met een stijve zool is een aanrader voor echt lange, alpiene routes. Dit type schoen klimt ook goed als de schoen iets groter aanvoelt. Je kan je tenen door de stijve zool wat meer recht houden en je voetspieren hoeven minder hard te werken om op een trede te staan. Een bijkomend voordeel is dat je dit type schoen minder vaak hoeft uit te trekken. Een stijve zool werkt bovendien ook goed in cracks. Het nadeel is wel dat je wat minder gevoel hebt. Dit vind ik persoonlijk lastig een technisch moeilijke plaat zonder duidelijke treden. In een moeilijke plaatroute vind ik een iets zachtere en strakkere schoen voordeel bieden omdat je meer gevoel hebt. Ik neem in dit geval een wat strakkere en niet-gekromde klittenband schoen mee die snel aan en uit te trekken is. Een gekromde schoen gaat namelijk sneller pijn doen als de zon schijnt, vooral als deze strak zit bij de hiel.
In het ideale scenario hoeven je schoenen niet per se uit na elke lengte, maar heb je toch het gevoel dat je optimaal kan staan op kleine treden. Zorg dat je tenen niet overdreven gekromd zitten, maar dat je ook geen lege ruimte in de schoen overhoudt. Het kan best een zoektocht zijn om de geschikte schoen te vinden waarmee je de hele dag uitdagend kan klimmen.
Laat je klimschoenen niet vallen als je ze uittrekt en doe eventueel koordjes om je enkels en klimschoenen. Ik test de schoenen voor een lange alpiene route van tevoren in een sportklimgebied. Vooral als er een harde crux in de route zit is dit een aanrader.
Laura klimt de 400m lange route Bambino (7a) in de Verdon op Scarpa Generator Mids, een speciale multipitch- en spleetklimschoen waar je tenen recht in kunnen zitten.
In een lange route is snelheid en efficiëntie belangrijk. Ik behandel hieronder een aantal onderwerpen die hier een rol spelen:
Probeer de tijd die je met zijn tweeën op de standplaats doorbrengt zo kort mogelijk te houden. Hier wat tips:
Een standplaats op de Campanile Basso. Links zit er een grijze cam van mij in de rots. Door de geknoopte touwtjes is er geen ruimte meer voor een eigen slinge plus karabiners in de mephaken. Ik heb daarom de grijze cam als backup geplaatst.
Een snelle standplaatswissel is belangrijk, maar de meeste tijd win je door simpelweg snel en stabiel te klimmen. Mijn tips hiervoor:
Gradaties in topo’s zeggen niet alles. De integrale noordwest graat van de Blatiere is volgens de topo maximaal een 5b (900m), maar bleek in de praktijk een wilde, weinig geklommen route van 900m met veel losse rots, lastige oriëntatie en een crux met een spleet die zeker zesdegraads was (zie foto).
Veel klassieke routes lopen door scheuren en versnijdingen. Vaak zijn ze hard gewaardeerd, zoals ook deze foto in de Ferhman versnijding (V-) op de Campenilo Basso. Het is aan te raden om deze klimstijl goed te oefenen in korte voorbereidingsroutes.
Mijn tips voor goed route zoeken zijn:
In de Peuterey Integrale op de Mont Blanc zit veel derde- en vierdegraads rots waar je zelf de makkelijkste lijn moet kiezen.
Een grote route klimmen is ook op mentaal vlak behoorlijk intensief. Ik merk zelf dat ik gespannen kan zijn vanwege de risico’s, het tijdsverloop of vanwege onzekerheid over het routeverloop. Een lange alpiene route is simpelweg niet altijd genieten en het plezier komt vaak eerder achteraf dan tijdens. Er zijn verschillende niveaus van mentale spanning en het is belangrijk om bewust te blijven van je eigen staat. Positief blijven en oplossingsgericht nadenken is wat je moet nastreven. Vergeet niet te communiceren met je partner over hoe het gaat. Veel mensen gaan in hun eigen wereld zitten als ze moe worden. Probeer een persoonlijke strategie te ontdekken die jou mentale rust geeft. Ik haal veel houvast uit het idee dat ik de route goed heb voorbereid en ik hou me ook vast aan het idee dat het afzien weer voorbij gaat.
Belangrijk is dat je tijdens een lange tocht continu vooruit denkt over de volgende stappen die jij en je partner moeten zetten. Niets te doen hebben is geen optie. Natuurlijk zijn er prioriteiten en minder belangrijke dingen. Maar elk moment moet gevuld worden met iets nuttigs, al is het maar met een reepje eten of de topo lezen. Pas op de top kan je de concentratie eventjes tijdelijk loslaten. Daarna wacht de afdaling weer.
Een lastige 6+ schoorsteen in de Pilastro op de Tofano di Rozes zuidwand.
Hoog op de Marmolada zuidwand in de route Don Quichote (800m, 6a). In deze lange route moet je efficiënt zijn om op tijd boven te zijn.
Wie snel wilt klimmen en het de hele dag wilt volhouden, moet goed voor zichzelf zorgen. Dit zijn aandachtspunten:
Eindelijk weer kunnen drinken na twee dagen klimmen op de Scheidegg Wetterhorn. Bas smelt sneeuw in de brander (links).
Een bivak kan soms noodzakelijk zijn om een lange route te kunnen voltooien. Aan de andere kant kan een bivak ook een bewuste keuze zijn om iets gemoedelijker tempo door de route heen te komen en te genieten van een open nacht in de bergen. Wel brengt een bivak altijd extra gewicht met zich mee.
Hier mijn tips:
Tijdens de beklimming van de Dru noordwand moesten Danny en ik twee keer bivakkeren. Dit was de eerste bivakplek. Ik ben hier de hele nacht via het touw gezekerd gebleven. Foto: Danny Schoch.
En dit was na de tweede nacht in de ochtend. Foto: Danny Schoch.
De ene afdaling loopt via een eenvoudig wandelpad, de andere loopt via een ingewikkelde abseilpiste of een alpiene route. Zorg dat je altijd voldoende energie overhoudt om de afdaling veilig en geconcentreerd te voltooien. Wil je meer weten over hoe je efficiënt kan abseilen? Lees dan dit artikel door uit het kenniscentrum.
In dit steile puinterrein mag je niet vallen. Danny daalt af van de Scheidegg Wetterhorn. Onder hem ligt Grindelwald.
De abseilafdaling van de Crozzon di Brenta heeft geboorde standplaatsen maar is allesbehalve makkelijk: het duurt lang, er is losse rots en de standplaatsen zijn moeilijk te vinden.
Na een lange route is het een kwestie van bijkomen, nagenieten en evalueren. Neem ruim de tijd voor je herstel, zowel op fysiek als mentaal vlak. Sommige klimmers kunnen niet stil zitten en gaan te snel weer door naar een volgend avontuur. Soms zelfs weken achter elkaar. Laat daarom de spanning van de tocht van je afglijden en voorkom een motivatie burn-out of fysieke overmoeiheid. Te moe aan een volgende tocht beginnen kan zelfs onveiligheid met zich meebrengen. Laat je ook niet gek maken door het goede weer dat zich doorzet of door een klimpartner die alweer staat te springen staat voor een volgende tocht. Een paar dagen sportklimmen, het zwembad bezoeken of boeken lezen is ook helemaal prima.
Natuurlijk is het waardevol om na te genieten van je avontuur in de bergen. Maar het blijft ook belangrijk om de tocht positief kritisch te evalueren. Een aantal vragen waar je aan kan denken:
Hopelijk heb je iets aan dit artikel! De laatste woorden die ik wil meegeven aan ambitieuze klimmers is dat je echt geduld moet hebben met het klimmen van lange routes. Bouw rustig je ervaring op, draai op tijd om als het niet goed voelt en ga alleen op pad als echt alles klopt. De bergen lopen niet weg en de beklimming van je dromen volgt op een dag vanzelf, als je maar de juiste omstandigheden afwacht. Ik wens je veel avontuur en plezier toe in de bergen.