MENU

Wat is ijsklimmen?

IJsklimmen wordt voornamelijk als wintersport beoefend op bevroren watervallen die kunnen variëren van tien tot honderden meters hoog.

Met ijsbijlen en stijgijzers heb je houvast op het gladde ijs. IJsklimmen heeft veel weg van het traditioneel klimmen, omdat je ook bij het ijsklimmen in technisch moeilijk terrein op eigen geplaatste zekeringen klimt. Het fysieke en mentale aspect is vergelijkbaar, maar daarna houdt de vergelijking op. IJsklimmen is een hele eigen tak van de klimsport met specifiek materiaal en specifieke technieken.

Uitrusting

Met de ijsbijlen in je handen en de stijgijzers onder je schoenen hak en schop je gaatjes in het ijs. Daaraan hang je! Als er geen ijs meer is, klim je met de stalen punten van je bijlen en je stijgijzers gewoon verder in de rots. Als het ijs voldoende solide is kun je vrij eenvoudig zekeren met ijsboren waaraan je het touw inklipt. Deze holle stalen buizen met een vertanding en een schroefdraad die voor de weerstand in het ijs zorgt ie zijn zo scherp dat je dat moeiteloos met de hand kunt indraaien. Als het ijs minder stevig is, of uit losse ijspegels bestaat dan wordt het ijsklimmen al snel een stuk uitdagender. Dan is de sport alleen weggelegd voor fysiek en mentaal sterke klimmers. Natuurlijk draag je een helm vanwege het risico op losbrekend ijs.

IJsklimmen is niet voor iedereen weggelegd. In moeilijke en matig of niet te zekeren routes moet je mentaal behoorlijk sterk zijn. Maar ook in makkelijke routes met solide ijs moet je een 100% competente en solide klimmer zijn. De punten van stijgijzers en ijsbijlen in combinatie met de lange afstanden tussen soms matige zekeringen maakt dat vallen geen optie is. 

Technische moeilijkheidsgraad

IJsklimroutes hebben een moeilijkheidsgraad die loopt van WI 1 t/m WI 12 wat staat voor Waterfall Ice. Er zijn slechts weinig routes die moeilijker gewaardeerd zijn dan WI6. De steilte van het ijs bepaalt voor een groot deel de technische moeilijkheid. Maar ook de dikte van het ijs en de structuur is bepalend. Een solide plaat ijs is makkelijker dan losse pegels, ook al is de steilte gelijk. 

W3 - Gemiddeld 70/80 graden steil met mogelijk korte passages verticaal ijs.
W4 - Gemiddeld 75/85 graden steil met mogelijk is langere passages verticaal ijs.
W5 - Gemiddeld 85/90 graden steil, lange passages massief verticaal ijs
W6 - Ook 85/90 graden steil maar de ijskwaliteit is minder goed.
W7 - Zie graad 6 maar dan extremer

Behalve een waardering voor de technische moeilijkheid, kennen veel lange of alpiene ijsklimroutes ook een overall waardering van 1 t/m 5. Die geeft de algemene zwaarte van de klimtocht aan. Graad 1 is een niet te zware tocht, met weinig objectieve gevaren. Graad 5 is een erg zware tocht in doorgaans hoog alpien terrein. 

Drytoolen

IJsbijlen en stijgijzers maken het ook mogelijk om de delen van een route te beklimmen waar geen ijs in zit. Oorspronkelijk werd dit gedaan om bij vrijhangende ijspegels te komen, maar inmiddels is er een tak van de klimsport ontstaan waarbij het klimmen van extreem atletische routes met ijsbijlen en stijgijzers een doel op zich is; het zogenaamde drytoolen. Drytoolroutes hebben een D-waardering van 1 t/m 16. Hoe langer, zwaarder en continuer de bewegingen en dus de route, hoe hoger de moeilijkheidsgraad.

Vergelijking met sportklimmen

Het is een beetje appels met peren vergelijken, maar zou je een WI7 route vertalen naar een sportklimwaardering dan kom je ergens tussen de 7a en 7c uit. Een D16 vertaalt zich naar ongeveer een 8c sportklimroute. 

10 tips IJSKLIMMEN