Meer dan een touw vasthouden
Hoe klimvereniging Top‑It sociale veiligheid vanzelfsprekend maakt vanaf de start van het seizoen
Foto’s: Mick van Dantzig
Na de zomer starten de trainingsgroepen bij verenigingen weer op. Bekende gezichten zien elkaar terug en nieuwe gezichten stellen zich voor. Dat moment, aan het begin van het seizoen, is bij uitstek geschikt om stil te staan bij hoe je met elkaar omgaat. Voor de NKBV is sociale veiligheid een belangrijk thema. Trainers en instructeurs spelen daarin een grote rol, omdat zij wekelijks op de vloer staan en mede bepalen hoe veilig en prettig een groep aanvoelt. Maar hoe maak je daar aan het begin van het seizoen ruimte voor, zonder dat het zwaar of belerend wordt?
Klimvereniging Top‑It deelt hun aanpak. Debby Sheldon, trainer en bestuurder, vertelt hoe sociale veiligheid bij hen geen losse afspraak is, maar een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks werken met sporters. En dat begint, volgens haar, bij de start van het seizoen.
Altijd al zo gedaan
Top-It is een actieve, door de NKBV erkende klimvereniging met als thuisbasis klimcentrum Rock Steady in Bussum. De vereniging heeft veel jeugdleden en een betrokken team van vrijwilligers. Debby is al jarenlang bij de vereniging betrokken en staat zelf nog altijd wekelijks op de vloer als trainer. Daardoor ziet ze sporters binnenkomen, doorgroeien en vaak ook blijven. Sociale veiligheid is voor haar geen nieuw onderwerp. “We zijn eigenlijk altijd al bezig geweest met dat iedereen welkom moest zijn bij ons,” vertelt ze.
De klimsport trekt volgens Debby een brede en diverse doelgroep aan. Binnen Top-It sporten veel kinderen en jongeren die ieder op hun eigen manier leren, denken en ontwikkelen. “Bij de aanmelding vragen we of er bijzonderheden zijn waar trainers rekening mee kunnen houden. Niet om iemand in een hokje te plaatsen of label te geven, maar zodat we de begeleiding zo goed mogelijk kunnen afstemmen,” vervolgt Debby. Zij kijken vooral naar wie de persoon is en wat hij of zij nodig heeft om met plezier en vertrouwen te kunnen klimmen. Zo kan iedere klimmer zich op zijn of haar eigen tempo ontwikkelen en zich welkom voelen binnen de vereniging.
Hier hoor ik erbij
Soms wordt pas later zichtbaar wat die manier van werken betekent. Debby herinnert zich een bericht dat ze kreeg van een jeugdlid dat schreef zich nog nooit ergens zo geaccepteerd te hebben gevoeld als bij Top‑It. Dat moment maakte indruk. Het klimniveau van deze sporter was niet van het hoogste en qua veiligheid moest er goed opgelet worden, maar het liet zien waarom dit werk ertoe doet.
Voor Debby bevestigde het dat sociale veiligheid begint bij ergens mogen zijn wie je bent. Ze ziet dat juist klimmen daarvoor ruimte biedt. Het is een sociale sport, maar ook een sport waarin je even je eigen ding kunt doen. Je hoeft niet voortdurend sociaal te zijn; je kunt ook gewoon een route instappen en klimmen. Juist die combinatie maakt dat veel kinderen zich hier veilig en prettig voelen.
In het moment
In de praktijk gaat het vaak om kleine, herkenbare momenten. Ruzie tussen zussen, iemand die boos wegloopt of een kind dat zich buitengesloten voelt. Op zulke momenten gaat Debby het gesprek aan, soms alleen met de kinderen en soms samen met ouders.
Ze vindt het belangrijk om te benoemen wat ze ziet gebeuren en kinderen bewust te maken van het effect van hun gedrag. Door te zeggen dat iemand nu verdrietig is en te vragen wat dat met je doet, leren kinderen naar elkaar te kijken. Ze is daarin realistisch. Pesten kan overal voorkomen, ook binnen een vereniging. Het verschil zit volgens haar in hoe je ermee omgaat. Top‑It zegt niet dat het nooit gebeurt, maar wil wel duidelijk maken dat er geen pestcultuur is en dat signalen serieus worden genomen.
Vertrouwen groeit
Top‑It heeft al jaren een vertrouwenscontactpersoon en die rol wordt bewust zichtbaar gemaakt voor sporters en ouders. Alleen al het bestaan ervan geeft volgens Debby een belangrijk signaal: als er iets is, sta je er niet alleen voor.
Wat haar misschien nog het meest raakt, is het vertrouwen dat jongeren in het dagelijks contact laten zien. Ze merkt dat sporters haar niet alleen benaderen met vragen over klimmen, maar ook met persoonlijke verhalen. Dat laat zien dat zij zich veilig genoeg voelen om dingen te delen. Voor Debby is dat misschien wel het grootste compliment.
Sfeer eerst
Wat zou Debby andere trainers en verenigingen willen meegeven? Voor haar is het duidelijk: toon oprechte interesse in elkaar. Laat sporters merken dat je hen ziet en serieus neemt. Als mensen zich welkom voelen en weten dat ze erbij horen, ontstaat plezier bijna vanzelf. Afspraken over hoe je met elkaar omgaat helpen daarbij, omdat ze duidelijkheid geven en het makkelijker maken om gedrag bespreekbaar te houden binnen de groep.
Daar hoort ook bij dat je jezelf als trainer blijft ontwikkelen. “Blijf het gesprek voeren,” zegt Debby, “bijvoorbeeld door de training sociale veiligheid in de klim- en bergsport van de NKBV te doen en het er daarna samen over te hebben.” Sociale veiligheid hoeft niet groot of ingewikkeld te zijn. Juist door aan het begin van het seizoen samen stil te staan bij hoe je met elkaar omgaat, leg je een basis waar je het hele jaar op kunt terugvallen.
Ook aan de slag met duidelijke afspraken?
De gedragscodes van de NKBV helpen verenigingen, kader en leden om samen afspraken te maken over hoe je met elkaar omgaat. Ze bieden houvast voor gesprekken binnen je groep en zorgen voor een gedeelde basis voor een sociaal veilige sportomgeving.