MENU

De geschiedenis van berghutten

Hoogtelijn redacteur Peter Daalder schreef in HL 2017-5 over de geschiedenis van de hutten in de bergen. 

In de Alpen staan honderden berghutten, de oudste van rond 1800. Het zijn onmisbare schakels voor bergsporters op weg naar een top of een volgend dal. Hutten zijn een belangrijke uiting van de alpiene cultuur. Hoch hinaus! heet de tentoonstelling over de geschiedenis van de hutten en de paden in de Alpen, in het Alpines Museum in München. In twee boeken is een schat aan gegevens vastgelegd over de bouw, het gebruik, de inrichting en het leven in en om de hutten.

Berghutten. De een is er gek op, de ander ziet het als noodzakelijk kwaad. Een derde mijdt deze stukjes erfgoed in de ijle lucht. Liefhebbers van berghutten kunnen er lyrisch over worden. “Even terugschakelen en genieten van de eenvoudige zaken in het leven. Boven tikken de minuten langzamer, ruik je vers hooi, hoor je het vrolijke en gelukzalige geklingel van koeienbellen en kijk je vol bewondering naar een heldere sterrenhemel.” Dat is het huttenleven in optima forma volgens de romantici van de Wannenkopfhütte in de Allgäu. Anderen koesteren de bruinhouten inrichting, de spekstenen kachel, de oude foto’s met roemruchte klimmers, gidsen en voormalige beheerders van de hut, het kruisbeeld met een takje van een alpenroosje. De oude emaillen bordjes met nummers van slaapplaatsen, het Bergsteigeressen, de stempel van de hut, de ansichtkaarten, het huttenboek. Tegenstanders zijn er ook. Zij verafschuwen de drukte in en om de hutten, het gebrekkige comfort, de nog steeds niet overal aanwezige zorg voor het milieu en het duurzame beheer van de hutten. De slaapzalen met snurkers, kuchers en mensen met winderigheid, de kriebelige dekens, de onvermijdelijke gitaar in de vaak warme en volle Stube, de huttensloffen met de geur van vele voeten, de droogruimte met een onbestemde lauwwarme lucht en de geur van dampend leer en opgedroogd zweet.

Tekst: Peter Daalder. Beeld Alpenverenigingen DAV, OEAV en AVS